Sint Petrusbasiliek Boxtel
A | A | A

nieuws

Christus, koning van ons allen

26-11-2017

Wij zijn zijn handen en voeten

Wij onderscheiden ons als kinderen van God van de kinderen van de wereld. Het koningschap van de zoon van God, Jezus Christus, is er een van goedheid, van vergevende en verzoenende liefde, van vrijheid maar ook van rechtvaardigheid. Wij worden uitgenodigd om zijn voorbeeld te volgen door zijn handen en voeten te zijn. Dit alles staat tegenover het koningschap van de wereld dat veelal gekenmerkt wordt door het ik zoals in Zimbabwe en Noord-Korea... Dit voorbeeld verdient geen navolging!

Hoe nu het koningschap van God nader te omschrijven? Hij zoekt naar de kudde zoals een goede herder die zorgt heeft voor zijn schapen en die waakt over hen. Hij brengt en houdt hen bijeen als zij afgedwaald of vermist zijn. Hij zorgt voor het zieke en gewonde alsook voor het sterke schaap dat Hij bemoedigt. De schapen vinden bij deze koninklijke herder rust en vruchtbare weide. Echter Hij doet ook recht aan alle schapen, ram of bok, mager of vet. De maatstaf die Hij hiervoor hanteert zijn de daden van/in geloof die zij hebben verricht...Dit is wat het Oude Testament ons vandaag , bij monde van de grote profeet Ezechiël, aan uitleg over het koningschap geeft.

In het Nieuwe Testament is Jezus Christus, de koning die door zijn lijden, sterven en zijn opstanding, de oude mens Adam bevrijdt uit de dood. Als een goede herder is Hij gedurende zijn leven hier op aarde op zoek gegaan naar de afgedwaalde en verloren gelopen schapen...en dat doet Hij nog steeds! Het is uiteindelijk geen kwestie van vinden maar van een gelovig jawoord om met Hem mee te gaan op onze levensweg…. aldus de apostel Paulus.

Zowel in het Oude als het Nieuwe Testament is er uiteindelijk sprake van een rechtsprekende Heer en koning, zo laat de Evangelist weten als hij ons de parabel van de bokken en de schapen voorhoudt. Er is geen sprake van een algemene kwijtschelding van zonden, zoals sommigen onder ons nog menen te moeten verkondigen, maar er wordt een duidelijk onderscheid gemaakt tussen wat goed is en kwaad. Het criterium dat koning Jezus hanteert is de mate van mededogen die door ons betoond is aan de behoeftige, arme en noodlijdende medemensen, dichtbij en veraf. Dat is of wij in de hulpbehoevende, de behoeftige en lijdende Jezus zelf hebben herkend en vanuit de verschuldigde naastenliefde naar behoren hebben gehandeld. Want zo zegt de Westerse kerkvader Augustinus in de vijfde eeuw: ‘Eget Christus quando eget pauper’ dat betekent ‘Christus lijdt in het gebrek van de armen.’ De gelovige wetenschapper Blaise Pascal zegt het anders in de zeventiende eeuw met de woorden: ‘Le Christ est en agonie jusqu’a la fin des temps’. Dat betekent: ‘Christus staat doodsangsten uit tot op het einde van de tijden.’ Hiermee vertelt Pascal eigenlijk dat een solidariteit met de noodlijdende medemens, een solidariteit met de lijdende Christus impliceert...De liefde betoont aan de ‘arme’ naaste staat daarmee gelijk aan de liefde voor Jezus Christus…door zijn handen en voeten te zijn in de wereld…!

Verschillende personen hebben in onze menselijke geschiedenis daaraan op een indrukwekkende wijze invulling gegeven. We noemen hen heiligen zoals Franciscus van Assisi, die een melaatse omhelsde en zorg had voor de hulp-behoevenden, moeder Teresa die stervenden uit de goot opraapte om zodoende hen een minuut van een menswaardig leven en sterven te gunnen en onze eigen Peerke Donders die met niet aflatende zorg en liefde verbleef tussen de melaatsen in Suriname alsof Hij zich bevond aan de voeten van de Heer. Dezen en vele anderen roepen ons samen met Jezus, onze koning, op dit voorbeeld van nabije naastenliefde te volgen. We behoeven daarvoor niet echt ver van huis te gaan maar wij kunnen al in eigen onze parochie aan de slag. En laten we wel wezen: Wie wil er niet liever bij de schapen dan bij de bokken gerekend worden?!... Amen


Christus Koning.....